Het is een jaar geweest van vergelijken. Vergelijken met ‘vóór corona-maatregelen’. Niemand die onze situatie vergelijkt met een derdewereld land. Niemand vergelijkt ons land en onze vrijheden met landen die geen vrijheid kennen. Stel nu eens dat we niet meer zouden vergelijken, niet bij de jeugd in de studie die ze doen, niet in een baan die iemand heeft, maar enkel een situatie beschrijven vanuit de realiteit.

Een mening vormen over het een, waardoor we ook meteen wat zeggen over iets anders. Afgelopen week kwam ik in gezelschap van iemand die vooral bezig was met wat anderen vinden. Ik wil niet op de foto, want het ziet er niet uit. Geen hoed op, want dat is voor schut. Dan vraag ik me af: ‘Hoezo verschut? Ter vergelijking met wie of wat?

Gaan we ons sociale leven met Friends vergelijken? Dan komt (bijna) iedereen er slecht af. Gaan we onze sportactiviteiten vergelijken met verslagen op de NOS? Demotiverend. Gaan we de prestaties van onze kinderen met Facebookprestaties van de rest van de gezinnen in Nederland vergelijken? Bommer.
Een ton verdienen per maand vergeleken met jouw loon? Jouw auto vergelijken met die energiezuinige elektrische auto? Een vrijstaande villa vergelijken met jouw rijtjeshuis? We kunnen alles vergelijken, maar daar worden we niet gelukkig van.

Natuurlijk is het prima wanneer er vergeleken wordt, maar dan zonder er een oordeel aan te hangen. Want dat er vergelijkingen zijn is niet ter discussie, maar waarom moet het een beter zijn dan het ander. Wat zouden we zoveel meer tevreden zijn met alles wat we hebben, want we hebben heel veel.

Of maak ik dan toch weer een vergelijk, een vergelijk met de tijd voor social media… en…

Geen oordeel bij vergelijkingen, dat wil ik leren, dat inspireert mij.